Donderdag 12 maart gingen de collega’s van de collegagroepen Oude Drukken en Handschriften voor het eerst samen op stap, en dan nog eens in het buitenland. Met zo’n twintig trokken ze naar Den Haag voor een verhelderende kennisuitwisseling over de grenzen heen met collega’s van KB nationale bibliotheek en het Huis van het Boek. Voor sommigen misschien een lange dag, maar voor iedereen een gezellige en leerrijke dag!

Vergif, vissen, en verhuizingen

Na een warm welkom bij de KB vertelde Maaike Napolitano, hoofd van Collectiekennis, ons over de geschiedenis en werking van de nationale bibliotheek. Zij deed ook het grote en ambitieuze verhuizingsplan van de KB uit de doeken, wat nog 7 jaar in beslag zal nemen. Door de groei van de collecties heeft de KB een groter depot nodig. Alle boeken verhuizen daarom naar een nieuw, apart depot. Het huidige gebouw wordt ook vernieuwd, en de KB zal tijdens de verbouwing tijdelijk vertoeven op een andere site. 

De Haagse collega’s gaven ons ook een kijkje achter de schermen. In het Restauratieatelier kijken medewerkers de werken na voor ze klaargestoomd worden voor digitalisatie en voor transport naar de nieuwe locatie. Een belangrijk aandachtspunt bij deze controle is arseen, een risicovolle stof die je onder meer in boekbanden en lintjes kan aantreffen. In de Beeldstudio kregen we een impressie van het digitaliseringsproces en een paar recent teruggevonden oude glasnegatieven bezichtigd.

Vervolgens was het tijd om even op adem te komen tijdens enkele collectiepresentaties. Ed van der Vlist, conservator Middeleeuwse handschriften, focuste op maculatuur en de problemen die je kan tegenkomen als je die wilt catalogiseren. Erik Geleijns, conservator materialiteit van het boek, toonde ons een bijzondere Karolingische band met tongkapitalen in (mogelijk) zeehondenleer. Een bijzonder moment voor de collega’s van de Openbare Bibliotheek Brugge, want zij hebben een gelijkaardige band in hun collectie.

Voor oude drukken belichtte Esther van Gelder dan weer hun nieuwe aanpak van herkomstmerken en gebruikerssporen. We hadden het onder meer over de complexiteit om meerdere handen in één gedrukt werk te registreren bij de libri annotati in de collectie van de KB. Een van de voorbeelden die zij ons toonde was een gedrukte almanak die tegelijk als dagboek diende voor een Amsterdamse vrouw, met paginalange annotaties van haar hand. 

Jeroen Vandommele, conservator na-middeleeuwse en moderne handschriften, heeft ons ten slotte een aantal interessante werken in de KB collectie getoond, zoals het unieke Visboeck van Adriaen Coenen. Dat boek is volledig gewijd aan vissen en visserij. Leuk om te weten: Adriaen Coenen schreef later ook het Walvisboek. Je kan het bezichtigen in de collectie van de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience.

Hedendaagse kunst naast oude boeken

In de namiddag trokken we naar het Huis van het Boek. Yoeri Meessen, directeur van het museum, heette ons welkom. Samen met hoofdconservator Rickey Tax nam hij ons mee door de geschiedenis en de werking van het museum. Het museum is ontstaan uit de verzameling van baron Van Westreenen van Tiellandt. Na zijn dood droeg hij deze aan de staat over met drie voorwaarden: de boeken mogen het pand niet verlaten, er mag niets uit de collectie gehaald of eraan toegevoegd worden, en de boeken zijn alleen op donderdag te raadplegen. 

Om aan deze voorwaarden te voldoen, maar toch meer vrijheid te hebben in de werking van het museum, werd in de jaren ‘50 de moderne collectie gestart. Deze verzameling bevat boeken van 1850 tot het heden, en heeft een speciale focus op de productie en vormgeving van een boek. Yoeri Meessen wijst tijdens de introductie op de boekenkasten rondom ons, vol voorbeelden van bijzonder boekdesign. Deze werken stelt het museum ter beschikking aan de studenten van de kunstacademie in Den Haag. Het Huis van het Boek organiseert daarnaast vaak activiteiten, zo kunnen amateurdrukkers iedere zondag gebruikmaken van de drukpers van het museum en zijn lokale dichters er regelmatig welkom op Open Mic avonden.

Na deze kennismaking leidde curator Stijn Kemper ons door de nieuwe tentoonstelling van het museum: ‘Apocalyps, vrees en hoop’. Het centrale thema is het Bijbelse verhaal van de Apocalyps. De expo biedt een vernieuwende en gevarieerde bezoekerservaring door oude boeken en hedendaagse kunst naast elkaar tentoon te stellen. De makers grepen ook terug naar de actualiteit. Door te focussen op de taal van de Apocalyps verbindt het museum het Bijbelse verhaal bijvoorbeeld met het huidige conflict in Palestina en met de moderne geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog. 

In de Boekzaal, omringd door skeletten in dodendans, liet Rickey Tax ons een paar topstukken uit de collectie van het museum zien, zoals enkele fraaie incunabelen. We kregen ook een bijzonder mapje te zien met (vervalst) bewijsmateriaal. Het moest aantonen dat de Nederlander Laurens Janszoon Coster, en niet Gutenberg, het idee voor Europees boekdrukken bedacht had.

Zin in meer?

De volgende bijeenkomst van de collegagroepen staat al in de stellingen. Dit najaar buigen we ons over het thema “uitdagende werken”.

Krijg als eerste de kans om in te schrijven!